De Vía de la Plata: een lange en stille Camino vanuit het zuiden van Spanje

Wie aan de Camino de Santiago denkt, ziet al snel de Camino Francés voor zich: Pyreneeën, gele pijlen, albergues en een lange stroom pelgrims richting Santiago.

Maar Spanje heeft veel meer historische pelgrimsroutes.

Een van de langste is de Vía de la Plata. Wie vanuit Sevilla via de Vía de la Plata en vervolgens de Camino Sanabrés naar Santiago loopt, legt grofweg 1.000 kilometer af. Op Caminogids gebruiken we voor deze combinatie ongeveer 970 kilometer als indicatieve afstand.

Het is een Camino met een compleet ander karakter dan de Francés.

Wat betekent Vía de la Plata?

De naam zorgt geregeld voor verwarring.

Plata betekent in het moderne Spaans zilver. Toch is de naam waarschijnlijk niet ontstaan omdat over deze route grote hoeveelheden zilver werden vervoerd.

De officiële Galicische Caminowebsite verbindt de naam met het Arabische Bal’latta, een aanduiding voor een brede, verharde weg. De historische Vía de la Plata volgde een belangrijke noord-zuidverbinding tussen Emerita Augusta, het huidige Mérida, en Asturica Augusta, het huidige Astorga.

Delen van die oude verbinding werden later door pelgrims gebruikt.

Niet één route helemaal tot Santiago

Hier is een belangrijk onderscheid nodig.

De historische Vía de la Plata loopt richting Astorga. Daar kun je aansluiten op de Camino Francés.

Veel moderne pelgrims die vanuit Sevilla naar Santiago lopen, kiezen echter bij Granja de Moreruela voor de afsplitsing naar de Camino Sanabrés. Die loopt via Puebla de Sanabria en Ourense rechtstreeks richting Santiago.

De tocht van Sevilla naar Santiago is in dat geval dus feitelijk een combinatie van de Vía de la Plata en de Camino Sanabrés.

Sevilla als beginpunt

Voor veel pelgrims begint de route in Sevilla.

Dat levert meteen een groot contrast op met de noordelijke Caminoroutes. Je vertrekt vanuit Andalusië, met een warmer en droger klimaat en een landschap dat sterk verschilt van Galicië.

Vervolgens loopt de route noordwaarts door Extremadura.

Hier liggen enkele van de belangrijkste historische steden van de hele route.

Mérida en het Romeinse verleden

Mérida is een van de culturele hoogtepunten.

De stad werd in de Romeinse tijd gesticht als Emerita Augusta en groeide uit tot een belangrijke stad in Hispania. Het Romeinse theater, amfitheater, aquaducten, bruggen en andere resten maken de Romeinse geschiedenis hier veel zichtbaarder dan op de meeste andere Camino’s.

Dat Romeinse verleden is geen toevallige toevoeging aan de route. De Vía de la Plata volgt juist een noord-zuidas die sterk met het Romeinse wegennet verbonden is.

Cáceres, Salamanca en Zamora

Verder noordwaarts volgen meer historische steden.

Cáceres heeft een uitzonderlijk goed bewaard historisch centrum. Salamanca vormt een heel andere onderbreking van de lange wandelroute, met zijn universiteit, monumentale pleinen en zandkleurige architectuur.

Daarna volgt Zamora, bekend om zijn romaanse kerken.

De Vía de la Plata is daardoor geen route waarop je alleen door lege landschappen loopt. Lange stille trajecten worden afgewisseld met een aantal zeer monumentale steden.

De dehesa

Een van de karakteristieke landschappen van het zuiden is de dehesa.

Dit open cultuurlandschap bestaat uit grasland met verspreide steen- en kurkeiken. Het wordt gebruikt voor extensieve veeteelt en andere vormen van landbouw.

Voor wandelaars levert dat lange trajecten met brede uitzichten op.

Maar die openheid heeft ook een keerzijde.

Hitte en grote afstanden

De Vía de la Plata vraagt andere voorbereiding dan bijvoorbeeld het laatste deel van de Camino Francés.

In het zuiden kunnen de temperaturen hoog oplopen en schaduw kan beperkt zijn. Ook liggen dorpen, waterpunten en accommodaties op sommige trajecten verder uit elkaar.

Juist daarom is de periode waarin je loopt belangrijk.

Een route die in het voorjaar aangenaam is, kan midden in de zomer door hitte veel zwaarder worden.

Vanaf Granja de Moreruela

Bij Granja de Moreruela ontstaat een belangrijke keuze.

Je kunt noordwaarts blijven lopen richting Astorga en daar aansluiten op de Camino Francés.

Of je slaat af naar het noordwesten en volgt de Camino Sanabrés via onder andere Puebla de Sanabria en Ourense.

Wie rechtstreeks naar Santiago wil zonder op de Francés uit te komen, kiest meestal voor die tweede mogelijkheid.

Galicië binnen

De officiële Galicische route komt via A Mezquita Galicië binnen.

Daar bestaan meerdere varianten richting Ourense, onder andere via Laza en Verín.

Vanaf hier verandert het landschap opnieuw.

De drogere vlakten van het zuiden liggen achter je. Galicië is groener en het terrein wordt heuvelachtiger.

Na Ourense loopt de Camino onder andere richting San Cristovo de Cea. In de omgeving ligt het klooster van Oseira, een van de markante religieuze plaatsen langs dit deel van de route.

Daarna gaat het via het binnenland van Galicië uiteindelijk naar Santiago.

Hoe druk is de Vía de la Plata?

De Vía de la Plata wordt veel minder belopen dan de Camino Francés, de Portugese routes, de Inglés en de Primitivo.

Dat merk je onderweg.

Een rustige Camino betekent echter niet automatisch een gemakkelijker Camino. Minder wandelaars betekent vaak ook minder dicht opeenvolgende voorzieningen en minder keuze in overnachtingsplaatsen.

Voor wie juist lange afstanden, veel geschiedenis, stilte en het gevoel van een echte lange reis zoekt, is dat precies wat de Vía de la Plata interessant maakt.

Related Posts